Managementboekgids

Leiderschap

Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven

De reality check voor iedereen die carrière wil maken

Kirsten de Roo · Uitgeverij Haystack · 2026 · 160 pagina's

Bespreking door Erik van der Veen · Gepubliceerd

Cover van Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven
Bekijk bij Managementboek.nl

Partnerlink. Jij betaalt niets extra.

In het kort

Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven is een compacte, eerlijke reality check voor professionals die twijfelen of ze wel leiding willen geven of dat ze er ongemerkt in zijn gerold. Kirsten de Roo stelt de vraag die je jezelf zelden hardop stelt: waarom wil ik dit eigenlijk, en past het wel bij wie ik ben?

Ons oordeel in het kort

Beoordeling
8.3/10
Beste voor
Professionals die net een leidinggevende rol hebben gekregen of die overwegen
Sla over als
Ervaren leiders die op zoek zijn naar een strategisch verdiepingsboek

De kern

"Het merendeel van de mensen die vastlopen als leidinggevende, loopt niet vast door gebrek aan talent, maar doordat ze nooit expliciet hebben stilgestaan bij wat leidinggeven werkelijk van hen vraagt en of ze daar echt voor kiezen."

De belangrijkste lessen

  1. 1

    Vraag jezelf af waarom je wilt leidinggeven

    De meeste professionals rollen in een leidinggevende rol omdat het de logische volgende stap lijkt, niet omdat ze een bewuste keuze hebben gemaakt. Voordat je ja zegt tegen die promotie, hoor je expliciet te weten wat je motief is: ambitie, geld, status, ontwikkeling, of iets anders. Zonder helder motief loop je later vast.

  2. 2

    Leidinggeven is een vak, geen promotie

    In veel organisaties wordt de beste vakmens automatisch teamleider. Dat is een categoriefout. Leidinggeven vraagt andere vaardigheden dan uitmuntend zijn in je vak, en die vaardigheden zijn te leren, maar alleen als je ze bewust erkent en oefent.

  3. 3

    Ken je eigen valkuilen voordat je een team leidt

    Wie zichzelf niet kent, projecteert zijn onzekerheden op zijn team. De leider die zelf slecht met feedback kan omgaan, geeft geen goede feedback. De leider die conflict mijdt, laat problemen etteren. Zelfkennis is geen zachte vaardigheid, het is een hygiënische minimumvoorwaarde.

  4. 4

    Onderscheid managen van leiden

    Managen gaat over processen: planning, budget, opvolging. Leiden gaat over mensen: richting, vertrouwen, ontwikkeling. Veel professionals krijgen een leiderschapstitel maar doen vooral management. Het onderscheid maken, en er expliciet tijd voor vrijmaken, is een van de belangrijkste keuzes in de eerste honderd dagen.

  5. 5

    Investeer eerst in je team, dan in je resultaten

    Nieuwe leidinggevenden schrikken vaak zo van de resultaatverantwoordelijkheid dat ze meteen op cijfers duiken. Dat werkt averechts. De kortste weg naar duurzame resultaten loopt via mensen die het beste van zichzelf willen geven, en die keuze maken ze op basis van hoe jij als leider met hen omgaat.

  6. 6

    Wees eerlijk over wat je moet loslaten

    Als vakmens deed je het werk zelf. Als leider moet je het loslaten, ook als een ander het net anders of even langzamer doet. Wie niet kan loslaten, wordt de bottleneck van zijn eigen team. Herken dit patroon vroeg, benoem het, en maak er expliciet werk van.

  7. 7

    Terug kunnen naar vakinhoud is geen falen

    In de Nederlandse werkcultuur wordt terugkeren van leidinggevende naar vakspecialist vaak gezien als degradatie. Dat is een cultureel probleem, geen inhoudelijk. Een uitstekende vakmens die geen leider wil zijn, is voor de organisatie waardevoller dan een halfslachtige leidinggevende die zichzelf ongelukkig maakt.

Ons oordeel in het kort

Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven is een dun maar rauw boek dat één vraag centraal stelt: waarom wil je eigenlijk leidinggeven, en past het bij wie je bent? Kirsten de Roo levert geen leiderschapsmodel, ze levert een spiegel. Voor de professional die op het punt staat een leidinggevende rol te aanvaarden of daar net in zit en voelt dat het schuurt, is dit boek zeldzaam eerlijk en direct bruikbaar. Voor ervaren leiders die op zoek zijn naar strategische verdieping of concrete tools, ligt de meerwaarde lager.

Waar gaat dit boek over?

In veel Nederlandse organisaties werkt de carrièreladder als een rolband. Wie zijn vak goed beheerst, wordt na verloop van tijd senior, dan teamleider, dan afdelingshoofd. Op geen enkel moment in dat proces vraagt iemand hardop: wil je dit eigenlijk wel, en waarom? De aanname is dat leidinggeven de logische bekroning is van vakinhoudelijk succes. En dus stromen mensen door zonder er ooit echt bij stil te staan.

Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven zet die aanname op scherp. Kirsten de Roo betoogt dat de meeste vastgelopen leidinggevenden geen tekort aan talent hebben, maar een tekort aan zelfonderzoek. Ze zijn in een rol gerold zonder dat ze wisten waaraan ze begonnen. Als het dan niet lekker loopt, wordt dat vaak vertaald als persoonlijk falen, terwijl het eigenlijk een categoriefout is: de juiste persoon in de verkeerde rol, of iemand met de verkeerde verwachting van wat leiderschap inhoudt.

De opzet is bewust bescheiden. Geen modellen, geen frameworks, geen 'zeven eigenschappen van'. Wel praktische cases uit De Roo's eigen coachpraktijk, reflectievragen die je liever niet stelt, en de expliciete geruststelling dat 'ik ben hier niet voor gemaakt' een legitieme, waardige conclusie kan zijn. De titel zegt het al met de tussen haakjes gezette 'niet': het boek laat beide antwoorden even open.

Over de auteur

Kirsten de Roo is oprichter van Nelissen & De Roo Recruitment en werkt al meer dan vijftien jaar met ondernemers en leidinggevenden aan hun ontwikkeling. Ze schreef eerder De perfecte match en Personeelstekort begint bij jezelf, beide met een consistente boodschap: goed werkgeverschap begint bij hoe je zelf in je rol staat.

Naast haar recruitmentwerk is De Roo spreker, coach en podcasthost van Leiders & Herrieschoppers, waarin ze wekelijks met ondernemers en managers doorspreekt over de dagelijkse realiteit van leidinggeven. Ze schrijft ook regelmatig voor MTSprout en HRMorgen. Haar toon in al dat werk is dezelfde: eerlijk, praktisch, en bereid om ongemakkelijke conclusies te trekken die anderen liever laten liggen.

Die ervaring verklaart waarom dit boek niet leest als een theoretisch werk, maar als de opgetekende uitkomst van honderden coachgesprekken. De cases zijn herkenbaar, de vragen zijn scherp, en de conclusies zijn niet altijd wat de lezer zou willen horen. Dat maakt het boek waardevol.

De centrale spiegel: waarom wil je dit?

Het krachtige aan dit boek is dat het zichzelf niet groter maakt dan het is. Er is geen alomvattende leiderschapsfilosofie, geen belofte dat je na het uitlezen een betere leider bent. Er is één vraag, die op verschillende manieren wordt herhaald tot de lezer er niet meer omheen kan:

Waarom wil je eigenlijk leidinggeven?

De Roo behandelt de gebruikelijke antwoorden en zet er telkens een vraagteken achter:

  • "Het is de logische volgende stap." Van wie? Volgens welke logica? En wat als die logica jouw ambitie helemaal niet dient?
  • "Ik wil meer verdienen." Legitiem, maar in veel bedrijven kan een senior specialist meer verdienen dan een middenmanager. Klopt dit motief in jouw context?
  • "Ik wil impact hebben." Op wat en op wie? En kan die impact niet ook via vakinhoud, mentoring of projectleiding worden bereikt, zonder de last van formele hiërarchie?
  • "Anderen zeggen dat ik het moet doen." Dit is misschien wel het gevaarlijkste antwoord. De anderen dragen de dagelijkse gevolgen niet.

De oefening die telkens terugkomt is confronterend eenvoudig: schrijf je motief op, en toets het dan tegen wat leidinggeven feitelijk van je vraagt. Als het motief niet dekt wat de rol inhoudt, is je uitgangspositie zwak, ook al ben je vakinhoudelijk uitstekend.

De zeven kernlessen uitgewerkt

Les 1, Vraag jezelf af waarom je wilt leidinggeven

Dit is de vraag die de rest van het boek draagt. De Roo maakt onderscheid tussen extrinsieke motieven (geld, status, verwachting van anderen) en intrinsieke motieven (nieuwsgierigheid naar het werk met mensen, plezier in het zien groeien van anderen, energie krijgen van complexe teamdynamiek).

Extrinsieke motieven zijn niet verkeerd, maar ze zijn wankel. Zodra de omstandigheden veranderen, valt de motor uit. Wie leidinggeeft omwille van de titel, verliest zijn drijfveer zodra iemand anders die titel krijgt. Wie leidinggeeft omwille van het geld, wordt ongelukkig zodra de bonus tegenvalt. Intrinsieke motieven zijn duurzamer, maar zeldzamer. En het is oké om ze niet te hebben.

Oefening. Beantwoord voor jezelf, met pen op papier: als leidinggeven exact hetzelfde salaris opleverde als mijn huidige vakinhoudelijke functie, zou ik het dan nog willen? Als je aarzelt, is dat waardevolle informatie.

Les 2, Leidinggeven is een vak, geen promotie

Een van de hardnekkigste denkfouten in Nederlandse organisaties: wie zijn vak goed beheerst, kan automatisch een team leiden. In de praktijk zijn dit twee compleet verschillende disciplines. Een uitmuntende ontwikkelaar wordt niet automatisch een uitmuntende engineering manager, een topverkoper wordt niet automatisch een topcommercieel leider, een briljante consultant wordt niet automatisch een goede partner.

De vaardigheden van leidinggeven zijn wel te leren, maar ze zijn dus geen bijproduct van je vakontwikkeling. Ze vragen aparte oefening: het geven van feedback zonder de relatie te beschadigen, het nemen van beslissingen met onvolledige informatie, het motiveren van mensen wiens werk je zelf niet meer doet, het houden van moeilijke gesprekken met mensen die je aardig vindt.

De Roo pleit ervoor dat organisaties leidinggeven expliciet erkennen als vak, met eigen opleidingstrajecten, coaching en periodieke evaluatie, in plaats van als vanzelfsprekende gevolg van senioriteit.

Vraag om te stellen. Als leidinggeven een vak is, met welk deel van dat vak ben ik van nature aangelegd, welk deel moet ik leren, en welk deel wil ik niet leren?

Les 3, Ken je eigen valkuilen voordat je een team leidt

Iedereen heeft blinde vlekken. Als vakmens werken die vooral tegen jezelf: je hebt er last van, maar de collega's om je heen worden er zelden door geraakt. Als leidinggevende werken je blinde vlekken naar buiten, en verspreiden ze zich over je team.

Voorbeelden die De Roo veel tegenkomt in haar coachpraktijk:

  • Conflictmijders die problemen laten sudderen tot ze exploderen, en dan verrast zijn.
  • Perfectionisten die alles zelf willen doen omdat 'goed' voor hen niet goed genoeg is.
  • Aardige mensen die geen 'nee' kunnen zeggen tegen hun team en daarmee de organisatie in problemen brengen.
  • Beslissers die te snel knopen doorhakken en pas achteraf ontdekken dat het draagvlak ontbrak.
  • Aanjagers die het tempo van hun team stelselmatig overvragen tot iemand uitvalt.

Geen van deze patronen is verkeerd op zichzelf, maar allemaal vragen ze om zelfkennis en tegenwicht. De les is niet dat je je persoonlijkheid moet veranderen, maar dat je bewust moet compenseren waar je bijdraagt aan disfunctie in je team.

Praktische opdracht. Vraag drie mensen die met je hebben gewerkt, waarvan één die je niet mocht, wat volgens hen jouw grootste blinde vlek is. Verwerk hun antwoorden zonder je te verdedigen.

Les 4, Onderscheid managen van leiden

Managen en leiden lijken op elkaar, maar dienen andere doelen. Managen gaat over het beheersen van processen: planning, budget, opvolging, rapportage, kwaliteitscontrole. Leiden gaat over het beïnvloeden van mensen: richting geven, vertrouwen opbouwen, ontwikkeling stimuleren, waarden voorleven.

De meeste 'leidinggevenden' in Nederlandse organisaties doen vooral management. De vergaderingen gaan over deadlines en KPI's, de een-op-een-gesprekken over targets en werkdruk, de rapportages over cijfers. Wat vaak ontbreekt: gesprekken over waar iemand naartoe wil in zijn loopbaan, wat hem raakt in het werk, waar hij vastloopt. Dat is leiden, en het wordt zelden expliciet gepland.

De Roo pleit voor een eenvoudige tijdssplitsing: als je titel 'leidinggevende' bevat, hoor je bewust minstens een derde van je tijd aan leiden te besteden, niet aan managen. Dat betekent tijd blokken voor mensontwikkeling die niet met dringend operationeel werk mogen worden overschreven.

Vuistregel. Kijk terug op je afgelopen werkweek. Welk percentage van je tijd ging naar processen, en welk percentage naar mensen? Klopt die verhouding met wat je feitelijk zou moeten doen?

Les 5, Investeer eerst in je team, dan in je resultaten

Nieuwe leidinggevenden schrikken vaak zo van de resultaatverantwoordelijkheid dat ze de eerste weken volledig in de cijfers duiken. Dat is menselijk, en het is contraproductief. Duurzame resultaten komen van teams die willen presteren, niet van teams die worden opgejaagd, en die wil ontstaat door hoe jij als leider met hen omgaat.

Dat betekent in de eerste maanden vooral luisteren, vragen stellen, ontdekken wie in je team wat kan, wie waar energie van krijgt, wie welke ambitie heeft, en wie welke frustratie mee draagt. Pas als je die kaart hebt, kun je resultaatgerichte keuzes maken die het team achter je krijgen.

Dit botst met de verwachting van veel organisaties, waar nieuwe leidinggevenden zich meteen 'moeten bewijzen' met snelle winsten. De Roo geeft de eerlijke waarschuwing: geef aan die druk niet toe zonder eerst je fundament te leggen, of accepteer dat je hooguit korte-termijnresultaten haalt ten koste van lange-termijnbetrouwbaarheid.

Praktijkoefening. Plan in je eerste zes weken drie kwartier per teamlid voor een gesprek dat niet over werk gaat, over ambitie, verwachting, energie. Wat je daar hoort, bepaalt het verschil tussen een team dat je draagt en een team dat je zwaar valt.

Les 6, Wees eerlijk over wat je moet loslaten

De hardste transitie voor de vakmens die leidinggevende wordt, is niet iets toevoegen aan zijn takenpakket, maar iets loslaten. Het vakinhoudelijke werk waar je goed in bent en waar je energie van kreeg, moet nu door anderen worden gedaan, vaak net iets anders of even langzamer dan jij het zou hebben gedaan.

Wie niet kan loslaten, wordt de bottleneck van zijn eigen team. Beslissingen wachten op zijn goedkeuring, kwaliteitscontroles lopen via zijn ogen, moeilijke klantgesprekken worden alsnog door hem gevoerd. Het team leert daaruit twee dingen: 'wij zijn niet zelf verantwoordelijk' en 'onze leider vertrouwt ons niet echt'.

Loslaten vraagt drie dingen tegelijk. Ten eerste: erkennen dat 'anders' vaak niet slechter is, alleen anders. Ten tweede: fouten toelaten die je zelf niet gemaakt zou hebben, zolang ze niet catastrofaal zijn. Ten derde: expliciet uitspreken naar je team dat je de regie loslaat en waarom, in plaats van er ambigu over te blijven.

Signaal om te herkennen. Als je meer werkuren maakt dan voor je promotie, en je team klaagt over trage besluitvorming, ben je waarschijnlijk aan het klemzitten omdat je niet kunt loslaten. Herken het, benoem het, en maak er expliciet werk van.

Les 7, Terug kunnen naar vakinhoud is geen falen

Misschien wel de bevrijdendste les uit dit boek. In Nederland, en breder in westerse werkculturen, geldt de ongeschreven regel dat een carrière alleen omhoog gaat. Wie terugstapt van leidinggevende naar vakspecialist, wordt gezien als iemand die het niet aankon.

De Roo prikt dat frame door. Ze wijst erop dat een uitstekende vakmens die geen leider wil zijn, voor de organisatie waardevoller is dan een halfslachtige leidinggevende die zichzelf ongelukkig maakt en zijn team ondermaats bedient. In veel Angelsaksische techbedrijven bestaan parallelle carrièrepaden (individual contributor track versus management track) juist om deze reden. In Nederland lopen we op dat vlak achter.

Wie na eerlijk zelfonderzoek concludeert dat leidinggeven niet bij hem past, verdient waardering, niet stigma. En organisaties die dat waardig faciliteren, houden hun beste vakmensen langer vast dan organisaties die 'omhoog of eruit' als enige route bieden.

Reflectie. Als je organisatie ruimte zou bieden om zonder gezichtsverlies terug te keren naar een specialistische rol, met bijpassend salaris en waardering, zou je dat dan overwegen? Wat zegt je antwoord over waar je nu staat?

Vier scenario's: hoe het boek in de praktijk werkt

Scenario 1: de vers benoemde teamleider

Je bent net teamleider geworden, drie maanden bezig, en je merkt dat de energie eruit is. Je maakt langere dagen, je team komt zeuren over dingen die vroeger 'gewoon opgelost werden', en je vraagt je af of je hier wel voor gemaakt bent.

De klassieke aanpak. Je bijt door, gaat een leiderschapstraining volgen en hoopt dat het beter wordt. Meestal wordt het dat niet, want de training gaat over technieken en jij hebt een fundamenteel vraagstuk.

De aanpak van De Roo. Stel eerst de basale vraag: waarom wilde ik dit ook alweer? Als het antwoord vaag is of extrinsiek, weet je meteen waar de weerstand zit. Kijk vervolgens naar je tijdverdeling: doe je vooral management terwijl leiden nu prioriteit heeft? Waar zit je grootste blinde vlek, en compenseer je die actief? En durf je eerlijk te bespreken met een coach of leidinggevende of dit misschien gewoon niet je rol is?

De uitkomst kan zijn: hier blijven en anders inrichten. Of: terug naar vakinhoud, met opgeheven hoofd. Beide zijn respectabele conclusies.

Scenario 2: de ondernemer die zijn bedrijf ontgroeit

Je hebt een bedrijf opgezet en het loopt goed, maar je merkt dat je meer aan mensen moet leidinggeven dan aan het vak dat je oorspronkelijk wilde doen. Je bent ondernemer geworden om zelf te maken, en nu ben je vooral aan het aansturen.

Valkuil. Je blijft doorgaan omdat het bedrijf jou nodig heeft, en verliest ondertussen de vreugde die je oorspronkelijk in het werk vond.

De aanpak. Erken dat 'ondernemer' en 'leidinggevende' twee verschillende rollen zijn. Onderzoek of iemand anders de leidinggevende rol beter zou vervullen, terwijl jij terugkeert naar het vakwerk als bijvoorbeeld chief craft officer, senior architect of hoofdontwerper. Veel Nederlandse bedrijven hebben te kleine ego's voor dit type reorganisatie, en verliezen daardoor hun beste denker aan management-taken die hij niet leuk vindt.

De Roo laat zien: als je bedrijf jou dwingt om iets te zijn wat je niet wilt zijn, past je bedrijf niet meer bij jou, niet andersom.

Scenario 3: de HR-verantwoordelijke die te veel afgehaakte leidinggevenden ziet

Je bent HR-manager en je ziet een patroon: mensen die vier tot acht jaar geleden zijn doorgestroomd naar een leidinggevende rol, komen nu bij je aankloppen met burn-outsymptomen, twijfels of vragen om terug te kunnen. Je organisatie heeft geen goede route voor 'terug'.

Valkuil. Deze mensen worden afgevoerd via ontslagregelingen of interne herplaatsing die feitelijk gezichtsverlies inhoudt. De organisatie verliest goede mensen, de mensen verliezen hun beroepstrots.

De aanpak. Introduceer dubbele carrièrepaden, met evenwaardige beloning en status voor vakspecialisten. Maak in leiderschapstrajecten expliciet ruimte voor de vraag 'past dit bij mij', in plaats van het als vanzelfsprekend te presenteren. Faciliteer periodieke check-ins waarin terugkeer een legitieme, niet-stigmatiserende optie is.

Dit vraagt cultuurwerk, geen procesverandering. De Roo geeft hier geen kant-en-klaar programma, maar wel de argumentatie om dit gesprek in je organisatie op gang te brengen.

Scenario 4: de aankomend leider die vooraf twijfelt

Je bent nog geen leidinggevende, maar het is de logische volgende stap in je organisatie. Je collega's verwachten dat je 'ja' gaat zeggen. Je twijfelt in stilte, maar durft dat niet uit te spreken.

Valkuil. Je zegt ja uit sociale druk, wordt binnen twee jaar ongelukkig, en zit dan vast in een rol die niet bij je past.

De aanpak. Zet expliciet drie tot vijf uur apart om de vragen uit dit boek stapsgewijs te beantwoorden. Beantwoord ze alleen, en beantwoord ze eerlijk. Praat vervolgens met minstens twee mensen die de rol wel hebben aangenomen en er inmiddels een paar jaar in zitten, één die er blij mee is en één die eruit is gestapt. Weeg wat je hoort.

Zeg dan pas ja of nee, en durf 'nee' te overwegen. De maatschappelijke druk om ja te zeggen is groot, de latere prijs van een verkeerd 'ja' is groter.

De harde Nederlandse realiteit: drie taboes die het boek benoemt

Een van de sterkste bijdragen van Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven is dat het drie taboes rond leidinggeven durft te benoemen die in Nederlandse organisaties zelden expliciet ter tafel komen.

Taboe 1, Sommige mensen willen niet leidinggeven, en dat is oké

Cultureel is 'ambitie' in Nederland vaak gelijkgesteld aan 'omhoog willen'. Wie geen leidinggevende positie ambieert, wordt subtiel afgeschreven als 'niet ambitieus genoeg'. Dat is een economisch verlies en een menselijke miskenning tegelijk. Uitmuntende vakmensen die tevreden zijn in hun rol, dragen bij aan organisaties op een manier die je niet met leidinggevenden kunt vervangen.

Taboe 2, Leidinggeven maakt veel mensen ongelukkig

De ongeschreven aanname is dat een leiderschapsrol een 'betere' rol is dan een specialistische. In veel gevallen klopt dat niet. Onderzoek in verschillende Westerse landen laat consistent zien dat een aanzienlijk deel van de middenmanagers hoger scoort op burn-out, cynisme en werkontevredenheid dan collega's op vergelijkbaar salarisniveau zonder leidinggevende taken. Dat gegeven wordt zelden op tafel gelegd in het gesprek 'wil je bij ons doorgroeien?'.

Taboe 3, Organisaties hebben zelf een verantwoordelijkheid

Dit is misschien wel het meest confronterende taboe. De Roo legt de vraag niet alleen bij de individuele professional, ze legt hem ook bij de organisatie. Wie mensen doorschuift naar leiderschap zonder ze te vragen of ze het willen, en zonder hen daarna te ondersteunen, veroorzaakt zelf de uitval die hij later 'persoonlijk falen' noemt. Hulp aan leidinggevenden is geen luxe, het is een minimumvoorwaarde.

Vergelijking met andere leiderschapsboeken

Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven is geen brede leiderschapsstudie, en het pretendeert dat ook niet te zijn. Wie op zoek is naar een compleet beeld van leidinggeven, zal het naast andere werken willen leggen. Hier de belangrijkste alternatieven en hoe ze zich verhouden.

Even tussen mij en mij, Elke Wiss

Wiss' boek gaat over zelfreflectie en het beter leren denken. Er is duidelijke geestverwantschap: beide boeken vertrekken vanuit de overtuiging dat scherp naar jezelf kunnen kijken de basis is voor alles wat daarna komt. Wiss is breder toepasbaar (geldt voor iedereen die beter wil denken), De Roo is specifieker (geldt voor wie leidinggeven overweegt of doet). Combineer ze voor het meeste effect.

Lieve leiders, Marianne Janssen

Janssen richt zich op leiders die vanuit warmte en menselijkheid willen leiden. Waar De Roo hard tegen je is over de vraag of je moet leiden, is Janssen mild over hoe je moet leiden als je hebt besloten dat je het wilt. Beide boeken vullen elkaar aan: De Roo helpt je bij het besluit, Janssen bij de uitvoering.

The First 90 Days, Michael Watkins

Watkins' klassieker is de meest praktische handleiding voor de eerste maanden in een nieuwe (leidinggevende) rol. Waar Watkins vertelt wat je moet doen, vertelt De Roo of je het moet willen. Lees De Roo eerst, dan Watkins. Andersom werkt ook, maar dan mis je de fundamentele check.

Personeelstekort begint bij jezelf, Kirsten de Roo

Eerder werk van dezelfde auteur, gericht op de vraag hoe je een organisatie bouwt waar mensen willen werken. De grondgedachte is dezelfde: het begint bij hoe jij in je rol staat. Wie De Roo's denken systematisch wil begrijpen, leest beide boeken achter elkaar.

Waarom zegt niemand er wat van, [Nederlandse auteur]

Voor wie ontdekt dat 'ja zeggen tegen leiderschap' vooral kwam omdat niemand tegenwicht bood, is dit een goed vervolgboek. Het gaat over de organisatiecultuur waarin dingen worden verzwegen en niet uitgesproken, precies het klimaat waarin de foute promoties gedijen.

Welk boek wanneer?

Wat zoek je? Pak dit boek
Reality check: wil ik dit eigenlijk wel? Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven
Zelfreflectie in het algemeen Even tussen mij en mij
Warm, mensgericht leidinggeven Lieve leiders
Wat te doen in je eerste 90 dagen The First 90 Days
Recruitment en retentie vanuit je eigen rol Personeelstekort begint bij jezelf
Snappen waarom mensen tegen je zwegen Waarom zegt niemand er wat van

Sterke punten

De grootste kracht van dit boek is de bereidheid om een conclusie toe te laten die zelden expliciet mag: misschien is dit niet mijn rol. In een tijd waarin veel leiderschapsliteratuur je alleen maar wil aanmoedigen om beter te worden in leidinggeven, biedt De Roo de veel radicalere optie om er niet aan te beginnen of ermee te stoppen. Die eerlijkheid maakt het boek waardevol.

Daarnaast is het compact, vlot geschreven en zonder jargon. Reflectievragen zijn zorgvuldig geformuleerd en werken beter dan uitgebreide modellen zouden doen. En de expliciete verantwoordelijkheid die aan organisaties wordt teruggegeven, hoor je te weinig in Nederlandse HR-literatuur.

Zwakke punten

Wie op zoek is naar concrete leiderschapstools, feedbackmodellen, teamdynamiek-frameworks of moeilijke-gesprekken-checklists, vindt die hier niet. Het boek is bewust smal in zijn scope: het gaat over de vraag of, niet over de vraag hoe. Dat maakt het minder geschikt als standalone-referentie voor mensen die al besloten hebben dat ze leidinggeven.

Het compacte formaat betekent ook dat complexere leiderschapssituaties (transformationeel leiderschap, machtsasymmetrie, cross-cultureel leidinggeven, leiderschap in crisis) niet aan bod komen. Voor die verdieping moet je elders zijn.

Tenslotte is de sterk reflectieve toon geen match voor iedereen. Lezers die van nature 'gewoon willen doen' kunnen het boek als te introspectief ervaren. Dat is subjectief, maar wel iets om vooraf te weten.

Mijn oordeel

Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven is een boek dat een gat vult dat al te lang gaapte in de Nederlandse leiderschapsliteratuur: het gat waar de vraag waarom eigenlijk? had moeten staan. Kirsten de Roo levert geen alomvattend werk, maar dat wilde ze ook niet. Ze levert een compacte spiegel, en die spiegel is voor het brede middensegment van Nederlandse professionals van meer directe waarde dan het zoveelste framework.

De grootste verdienste is dat het boek een taal geeft aan iets wat veel mensen wel voelen maar nooit hardop zeggen: het schuurt, en misschien ligt dat niet aan mij. Voor de professional die op het punt staat door te stromen naar een leidinggevende rol, is dit boek een preventieve check. Voor de manager die al in de rol zit en voelt dat het niet klopt, is het een uitnodiging om die twijfel serieus te nemen. Voor de HR-verantwoordelijke of directie is het een spiegel voor je promotie- en opvolgingsbeleid.

De beperkingen zijn eerlijk te benoemen. Wie tools, modellen en gedetailleerde handleidingen zoekt, kijkt beter naar andere boeken en gebruikt dit als voorwerk. Wie diepgaande leiderschapstheorie zoekt, is hier ook niet aan het goede adres. Maar wie de basale vraag wil stellen die iedereen in dit vak zou moeten stellen en die vrijwel niemand stelt, vindt hier een even bondig als eerlijk antwoord.

Koop dit boek als…

  • Je onlangs bent gepromoveerd naar een leidinggevende rol en voelt dat het schuurt
  • Je binnenkort de keuze moet maken om ja of nee te zeggen tegen een leiderschapsstap
  • Je HR-verantwoordelijk bent en betere doorstroom naar leiderschap wilt organiseren
  • Je een team van pas benoemde leidinggevenden wilt begeleiden met een gedeeld boek
  • Je ondernemer bent en worstelt met de vraag of je zelf moet blijven leidinggeven

Sla dit boek over als…

  • Je al jaren met veel plezier leidinggeeft en op zoek bent naar strategische verdieping
  • Je een grondig leiderschapshandboek zoekt met modellen en frameworks
  • Je vooral tools zoekt voor concrete situaties (feedback, conflict, moeilijke gesprekken)
  • Je een academisch werk over leiderschapstheorie wilt

Eindscore

Criterium Score
Praktische toepasbaarheid 8/10
Leesbaarheid 9/10
Originaliteit 7/10
Geschikt voor beginners 9/10
Algeheel oordeel 8/10

Een aanrader voor iedere Nederlandse professional die op enig moment in zijn loopbaan met de vraag wil ik leidinggeven? wordt geconfronteerd, en dat is bijna iedereen. Voor de investering van een lang weekend lezen krijg je een spiegel die je carrière waarschijnlijk meer richting geeft dan de zoveelste leiderschapstraining.

Transparantie: Deze bespreking is geschreven op basis van publiek beschikbare uitgeversinformatie (Uitgeverij Haystack), aankondigingen op boekhandels- en managementplatformen, en het bredere publieke werk van Kirsten de Roo (podcast Leiders & Herrieschoppers, MTSprout-columns, eerdere boeken De perfecte match en Personeelstekort begint bij jezelf). De uitgewerkte lessen, scenario's en reflectievragen in deze bespreking zijn een redactionele vertaling van de kernthese van het boek naar de Nederlandse managementpraktijk. De kernboodschap, dat de vraag of je wilt leidinggeven serieuzer verdient te worden gesteld dan hoe, is aan de auteur toe te schrijven.

Wel geschikt voor

  • : Professionals die net een leidinggevende rol hebben gekregen of die overwegen
  • : Managers die aanvoelen dat de rol zwaarder valt dan verwacht, maar niet weten waarom
  • : HR-verantwoordelijken die betere doorstroom naar leiderschap willen
  • : Ondernemers die worstelen met de sprong van vakmens naar leider
  • : Iedereen die vermoedt dat 'leidinggeven' geen automatische promotie zou moeten zijn

Minder geschikt voor

  • : Ervaren leiders die op zoek zijn naar een strategisch verdiepingsboek
  • : Wie een academisch werk over leiderschapstheorie zoekt
  • : Managers die alleen tools willen om hun team beter aan te sturen zonder zichzelf te bevragen

Sterke punten

  • + Zeldzaam eerlijk over de mogelijkheid dat leidinggeven niet bij je past
  • + Compact, in één zitting of een lang weekend uit
  • + Reflectievragen en cases in plaats van modellen en frameworks
  • + Vertrekt vanuit de rauwe Nederlandse praktijk, niet uit internationale HR-theorie

Zwakke punten

  • Wie op zoek is naar concrete leiderschapsmodellen komt weinig aan zijn trekken
  • Het compacte formaat laat weinig ruimte voor nuance rond complexe leiderschapssituaties
  • De focus op persoonlijke reflectie kan lezers die 'gewoon willen doen' te introspectief overkomen

Vergelijkbare boeken

Veelgestelde vragen

Is dit boek geschikt voor iemand die net leiding is gaan geven?
Ja, dat is precies de doelgroep. Het boek helpt je in je eerste maanden of jaar de vragen te stellen die weinig managers stellen. Combineer het met een boek als The First 90 Days voor het praktische deel.
Is dit boek ook nuttig als ik al twijfel of ik door wil als leider?
Dat is misschien de sterkste use case. De Roo bevestigt expliciet dat 'ik ben hier niet voor gemaakt' een legitieme conclusie is, en helpt je die conclusie eerlijk te toetsen zonder er direct een oordeel over te vellen.
Behandelt het boek concrete situaties zoals slechtnieuwsgesprekken of teamconflicten?
In beperkte mate. Dit is een reality-check-boek, geen leiderschapshandboek. Voor de operationele microscopie van moeilijke gesprekken en teamdynamiek pak je ander werk erbij.
Hoe verhoudt het zich tot 'Personeelstekort begint bij jezelf' van dezelfde auteur?
Beide boeken vertrekken vanuit dezelfde grondgedachte, dat de kern van goed werkgeverschap bij je eigen houding als leider begint. Het eerdere boek focust op recruitment en retentie, dit boek op de vraag of je überhaupt de juiste persoon bent voor de rol.
Bevat het boek modellen of frameworks?
Bewust weinig. De auteur zet reflectievragen en cases centraal in plaats van conceptuele schema's. Dat maakt het toegankelijk, maar wie graag denkt in modellen (Blake & Mouton, situationeel leiderschap, etc.) kan zich licht bekocht voelen.
Is dit boek geschikt voor teamtraining?
Ja, en dan vooral voor pas benoemde teamleiders. Het is compact genoeg om samen door te nemen, en de reflectievragen lenen zich voor oefeningen in kleine groepen. Combineer met een externe coach of trainer voor het meeste effect.
Wat als mijn organisatie geen ruimte biedt om terug te keren naar vakinhoud?
Dan is dat cruciale informatie. Het boek helpt je die realiteit onder ogen te zien voordat je carrièrepad je in een fuik trekt waar je later niet meer uit kunt. Soms is de conclusie dat je van organisatie moet wisselen, niet van rol.
Kan ik dit boek in één weekend uitlezen?
Ja, met 160 pagina's en een vlot geschreven stijl doet de meeste lezer er een lang weekend over. De echte tijdsinvestering zit in het beantwoorden van de reflectievragen, en dat kan weken of maanden duren, precies zoals bedoeld.

Lees ook

Cover van Lieve leiders,

Lieve leiders,

Marianne Janssen

Lieve leiders, is een verhalend leiderschapsboek dat 'zacht' en 'stevig' bewust bij elkaar zet. Marianne Janssen pleit voor leiderschap als relatie, niet als rol, en put uit dertig jaar ervaring als wiskundige, manager, personeelsdirecteur en zelfstandig adviseur. Het boek staat op de longlist van Managementboek van het Jaar 2026.

Ook over leiderschap en persoonlijke ontwikkeling

Vergelijk de twee →

Cover van De kracht van people skills

De kracht van people skills

Annet van Duren

Annet van Duren betoogt dat beleid en systemen tekortschieten zolang mensen niet over de vaardigheden beschikken om er iets mee te doen. De kracht van people skills vertaalt dat inzicht naar een praktische handleiding voor HR, directies en leidinggevenden die samenwerking, betrokkenheid en resultaat structureel willen versterken.

Ook over leiderschap en persoonlijke ontwikkeling

Vergelijk de twee →

Cover van De Prestatie Paradox

De Prestatie Paradox

Joke Bruggenkamp

Joke Bruggenkamp legt het patroon bloot waarin organisaties zitten: meer inspanning leidt tot minder resultaat. Niet door luiheid van medewerkers, maar door een prestatiecultuur die de eigen voedingsbodem ondergraaft. Een boek dat scherp benoemt wat veel HR-professionals al langer voelen.

Ook over leiderschap en persoonlijke ontwikkeling

Vergelijk de twee →

Cover van Even tussen mij en mij

Even tussen mij en mij

Elke Wiss

Na de bestseller Socrates op sneakers richt praktisch filosoof Elke Wiss de blik naar binnen. Even tussen mij en mij geeft concreet denkgereedschap om je eigen denken te onderzoeken: aannames opsporen, oordelen uitstellen en scherper zien wat je werkelijk vindt en wilt. Geen zweverige zelfhulp, maar ambachtelijk denkwerk dat je rustiger en helderder maakt in elk belangrijk gesprek en elke lastige keuze.

Ook over persoonlijke ontwikkeling

Vergelijk de twee →